Ik ben dus nu ook van de analoge foto's.
Na het schieten van een film, pleeg ik die film zelf te ontwikkelen. Bij gebrek aan een echte doka (komt wel) doe ik het inspoelen van een film (dat moet in het hartstikke donker gebeuren) nog in het washok, dat is donker, geen ramen en zo.
Alleen dat washok is toch ook wat stoffig, vanweges de wasdroger. Dus ontkom ik er niet aan dat op de te ontwikkelen film wat sof en draadjes en zo zitten. En die zie je dus op de afdruk.
In het digitale tijdperk is daar binnen fotoshop een retoucheerfunctie voor gemaakt; je veegt met een kwast over de 'beschadiging' en photoshop zoekt uit hoe en wat moet worden gerepareerd.
In de analoge wereld is dat wel wat anders.
Je neemt wat witte en/of zwarte inkt en een bakje water. Vervolgens pak je een kwast met zes haren of zo iets, als ie maar harstikke dun is. Voor grote plekken mag je een kwast met iets meer haren gebruiken.
Met die kwast in wat water gedoopt ga je de zwarte inkt op een schoteltje uitsmeren, totdat ie zo dun-licht is als de plek waar de reparatie moet plaats vinden en ga je met de punt van die kwast zitten tippen. Soms moet je (omdat er een plek zit in een struik) zo een blad met donkere en lichte stukken reproduceren (in photoshop zet je daarvoor 'content-aware' aan en dan zoekt photoshop het zelf uit).
Ik heb dus vanavond een uurtje of anderhalf op een tweetal foto's zitten tippen. Maar ja, het resultaat mag er zijn. Er gaat toch maar niets boven ambachtelijk handwerk.....tenzij je 132 smoelen moet afdrukken.


Laat een reactie achter